Engelandvaart per kano

Van alle Engelandvaarders die van plan waren de Noordzee over te steken, wilden ruim veertig dat met een kano doen. Voornamelijk jonge mannen, veelal studenten van de Technische Hogeschool Delft. Vaak lid van een roeivereniging en dus getrainde roeiers. 

Waarom een kano? Een leek zou denken dat het gekkenwerk is: een kano is toch niet zeewaardig te noemen? Ervaren kanovaarders denken daar heel anders over. Een kano is klein en licht en valt — zeker zonder zeil — op de golven nauwelijks op. De kano die het meest gebruikt werd, was een vouwkano: een stapel latjes en een huid van canvas, zaken die men makkelijk en onopvallend mee kon nemen naar de kust. Net als bij pogingen met andere vaartuigen, zijn ook de meeste pogingen per (vouw)kano ondernomen in 1940 en 1941. Nadat in 1942 de bezetter was begonnen met de aanleg van de Atlantikwall, werd het vrijwel onmogelijk om nog ongezien de kust te bereiken.

De pogingen per kano zijn niet erg succesvol zijn geweest: van de 22 pogingen die ondernomen werden, zijn er slechts vier geslaagd. Soms pas na een zeer uitputtende tocht. Zo hebben Rudy van Daalen Wetters en Jaap van Hamel vijf dagen rondgezwalkt, voordat ze door een Australisch oorlogsschip ter hoogte van Lowestoft werden opgepikt. Ze waren zó uitgeput dat ze niet zelf langs de toegeworpen touwladder omhoog konden klimmen, maar aan boord gehesen moesten worden. De meest voorspoedige tocht hadden de broers Han en Willem Peteri, die in 56 uur in een kaarsrechte lijn de Noordzee overstaken en bij Sizewell aan land kwamen. 

Sommigen die hun poging niet zagen slagen, hadden geluk. Zo werden Pim van Doorn en Tolo Makowski op zee ontdekt door een vissersschuit, de KW32, en aan boord genomen. In die tijd voer er op elke logger een Duitse soldaat mee om te voorkomen dat het schip naar Engeland zou uitwijken. Ondanks aanwezigheid van die Duitser wist de bemanning de Engelandvaarders in de haven van IJmuiden ongezien van boord te krijgen, waarna ze zich uiteraard snel uit de voeten maakten.

Zo veel geluk hadden anderen niet. Zij werden direct aan het begin of onderweg onderschept door de Kriegsmarine en gearresteerd. Engelandvaart met als doel aansluiting bij de geallieerde strijdkrachten werd door de Duitsers gezien als een ernstig vergrijp ('Feindbegunstigung'), dat zwaar bestraft werd. Het kwam de overtreder te staan op enkele jaren tuchthuisstraf of concentratiekamp. Velen hebben dat niet of nauwelijks overleefd. Iemand die het gelukkig wel overleefde, was Jaap van Mesdag. Hij was in september 1942 samen met zijn vriend Ernst Sillem per kano op weg naar Engeland toen ze in moeilijkheden raakten. Jaap blies op zijn meegebrachte trompet en alarmeerde daarmee een Duits schip dat in de buurt voer. Dat redde hun leven, maar betekende ook hun arrestatie. Op 29 april 1945 werd Jaap van Mesdag in kamp Dachau bevrijd door de Amerikanen.

Tragisch is dat van sommige pogingen de afloop onbekend is. De betrokken kanovaarders zijn tot op de dag van vandaag vermist. Aangenomen moet worden dat ze zijn verdronken. In sommige gevallen kreeg de familie wel zekerheid, omdat het lichaam van hun dierbare aanspoelde op de kust. Dit gebeurde bij Eetje von Baumhauer en Dik van Swaay. De laatste was bij zijn eerste poging in september 1941 gearresteerd, maar wist uit de gevangenis in Rotterdam te ontsnappen. Daarop deed hij in november 1941 een nieuwe poging samen met medestudent Jan van Blerkom. Ook deze poging mislukte jammerlijk. In mei 1942 spoelde het lijk van Dik van Swaay aan in Noordwijk, vlakbij de plek waar ze vertrokken waren. Van Jan van Blerkom is nooit meer iets vernomen.

Ter nagedachtenis aan alle Engelandvaarders die een poging per kano hebben gewaagd, is in Sizewell op initiatief van Han Peteri en zijn familie in 2009 een gedenkteken opgericht. Het bronzen kunstwerk staat op een sokkel en bestaat uit drie peddels waarvan er één geknakt is, als symbool voor hen die niet aankwamen. De Amsterdamse beeldend kunstenaar Ron Vissenberg maakte daarvoor afgietsels van de peddels waarmee de broers Peteri in 1941 op het strand van Sizewell aankwamen. Han Peteri leefde al niet meer toen het monument kon worden onthuld. Dat werd daarom op 17 juni 2009 (Armed Forces Day) gedaan door zijn weduwe Betty Peteri-Peet (1924-2016). Hierbij waren zeven Englandvaarder aanwezig: Charles Bartelings, Rudi Hemmes, Philip Jacobs, Eddie Jonker, Jaap van Mesdag, Ernst Sillem en Jan Staal.

Bron: Agnes Dessing, 'Kanovaarders', De Schakel januari 2019, 39e jaargang, nr. 159, p. 31-34, geactualiseerd met nieuwe gegevens.

 


Personen bij dit thema